Bewustwordingspsychologie

Natuurlijk is het fantastisch en van groot belang, dat we steeds meer te weten komen over het functioneren van ons brein. Maar nu zie ik allerlei heisessies, cursussen en programma’s als paddestoelen uit de grond schieten en probeert men schijnhouvast te krijgen, om ons gedrag te begrijpen. Heel “interessant” natuurlijk om te weten waar wat zit en waar e.e.a. vandaan komt en dat u nu kunt vertellen dat u het brein snapt.

En werkt het bij uw partner, kinderen, ouders en die ene collega? Verandert hun gedrag al? En bent u zelf nu volledig in balans?

Stop met die verspilling in geld, tijd en zelfs in motivatie. U bent niet uw brein, maar u heeft het!

En ………. u kunt het ook goed gebruiken. Doe dat, is mijn Regietip.

Besteed tijd en geld liever aan leren luisteren naar uzelf, de ander en het andere. Ga naar pragmatische, goed onderbouwde – en in de afgelopen ruim 25 jaar zinvol en waardevol gebleken – bijeenkomsten. Die u nieuwe inzichten en concrete handvatten bieden en e.e.a. doet ervaren. Waar u meteen mee aan de slag kunt in leven, wonen en werken. Waardoor verlangens en doelstellingen gerealiseerd worden en  organisaties, groepen en individuen floreren door regie!

Pak de regie: bjpvandermieden@pyramide.nl

Read more

Het lukt maar niet om meer vrouwen in topfuncties te krijgen. Daar worden diverse oorzaken voor aangegeven, maar de dieperliggende oorzaken worden niet genoemd. Ik noem er een paar:

01. Mannen en vrouwen zijn niet bereid om naar zichzelf, de ander en het andere te luisteren. Oneigenlijke man-vrouwpatronen kunnen alleen doorbroken worden o.b.v. zelfinzicht.

02. Het probleem is sinds mensenheugenis diep geworteld in de wereld. Collectief gezien is er in het algemeen gesproken sprake van mannelijk superioriteitsgevoel en vrouwelijk inferioriteitsgevoel. Inzicht daarin helpt.

03. Het oneigenlijke gedrag van zowel mannen als vrouwen o.b.v.  hun verkeerde en verwrongen man- en vrouwbeelden. Het helpt daarbij niet als vrouwen het oneigenlijke gedrag van mannen kopiëren. Dat komt helaas ook voor.

Inzicht in deze oorzaken is cruciaal. Het is de hoogste tijd dat mannen en vrouwen zichzelf zijn en worden en zich bewust zijn van hun unieke bijdrage aan het geheel als mens. En dat zij begrijpen, dat zij elkaar op geweldige wijze – vanuit hun man-zijn / vrouw-zijn – kunnen aanvullen.

Maar er is hoop, want deze patronen zijn te doorbreken! In onszelf en onderling. Diep-in willen we niets anders, omdat we weten dat we niet zonder elkaar kunnen en willen en we in verwondering en bewondering naar elkaar uitgaan.

Mijn (interactieve) optredens kunnen daarbij helpen. bertjanvandermieden

Voor meer informatie: bjpvandermieden@pyramide.nl

Read more

Ja, als wij de regie niet stevig in de hand hebben in leven, wonen en werken, dan hebben we die aan iemand anders gegeven, toch! Een van die oer-hollandse, nuchtere constateringen, die best confronterend kunnen zijn, maar de ander ook in zijn / haar kracht zetten. 

De vraag is dan natuurlijk:”Aan wie dan?”. Ooit bleek dat een cliënt nog steeds de regie aan haar zeer dominante vader gaf, terwijl die al jaren geleden was overleden. Bij alles wat ze moest beslissen, vroeg ze nog steeds toestemming aan hem. Maar je kunt de regie ook ten onrechte aan je baas, je partner, of zelfs aan je kinderen geven, enz. 

De oorzaak? Wil je het echt weten? Psychische afhankelijkheid, is vaak de oorzaak. De oorzaak heeft in ieder geval altijd te maken met een reactie vanuit je minderwaarde, onzekerheid en angst. Het mooie en het voordeel is, dat de oplossing in je Zelf ligt. Dan ben je weer onafhankelijk! 

Best leuk ook, dat frunniken in je eigen gedachten en gevoelens en heel mooi om je zielenroerselen weer te ont-dekken! 

Gun je zelf de regie! Uitstel is afstel, dus bel: 0653 313 147. Of mail naar bjpvandermieden@pyramide.nl.  

Read more

In de literatuur wordt er – op zich terecht – op gewezen dat stress o.a. leidt tot slechte eet- en drinkgewoonten. Men gaat meer en ongezonder eten, men rookt en drinkt meer en/of raakt verslaafd aan drugs.  Er zijn steeds meer kinderen en volwassenen met overgewicht en men beweegt veel te weinig. Stress is inderdaad een van de oorzaken van een slechte leefstijl. Het is dus zinvol om mensen ertoe te bewegen om gezonder te gaan eten en drinken, minder te roken e.d. en meer te gaan sporten.

Maar het blijft het paard achter de wagen spannen en symptoombestrijding, omdat de oorzaak van stress niet onder ogen wordt gezien. En een slechte leefstijl is niet alleen het gevolg van stress, maar is ook een belangrijke oorzaak van stress! Om dat goed te begrijpen is het van belang het begrip leefstijl goed te definiëren: Leefstijl is onze persoonlijke manier van leven. De manier waarop wij in het leven staan, over het leven denken, en hoe wij leven, is dus ieders eigen, individuele verantwoordelijkheid en keuze. Natuurlijk spelen gebeurtenissen en omstandigheden daarbij een rol, maar de manier waarop wij daarmee omgaan is onze persoonlijke keuze en verantwoordelijkheid. Je bepaalt zelf bijvoorbeeld wat je eet en drinkt. Naar kinderen toe hebben ouders en opvoeders natuurlijk de verantwoordelijkheid, dat zij hen gezond eten en drinken geven.

De literatuur geeft tevens aan dat kinderen en adolescenten steeds meer stress ervaren en dat het aantal gevallen van burn-out en depressie onder hen toeneemt. Daarbij is er ook sprake van collectieve druk vanuit de omgeving: Zowel van huis uit, als op school en vanuit de maatschappij en via de media. Maatschappij-breed is men voornamelijk en te eenzijdig gericht op de buitenkant en het leveren van (top)prestaties. Er is dus – naast de individuele – ook sprake van een gemeenschappelijke, collectieve verantwoordelijkheid.

De gevolgen van een slechte leefstijl zijn niet alleen individueel merkbaar, maar ook voor organisaties en de samenleving als geheel. Er wordt heel veel geld verdiend aan drugs, drank en ongezond voedsel, maar de extra en onnodige directe en indirecte kosten – veroorzaakt door ziekte, verzuim en arbeidsongeschiktheid – voor de gehele samenleving zijn gigantisch.

Hoe kunnen we overmatige en ongezonde stress en een ongezonde leefstijl voorkomen? En hoe komen we tot inzicht in onze leefstijl en tot een gezondere leefstijl?

Onze individuele leefstijl wordt niet alleen bepaald door ons fysieke kwaliteitsniveau van leven, maar ook door het emotionele, mentale, sociale, relationele en spirituele kwaliteitsniveau. En die aspecten beïnvloeden elkaar! In de literatuur spreekt men naast de fysieke klachten veelal uitsluitend over “psychische, psychosociale en psychosomatische klachten” die minimaal een derde van het ziekteverzuim en de arbeidsongeschiktheid veroorzaken. Willen we echter grip krijgen op de dieperliggende oorzaken van overmatige en ongezonde stress en tot een gezonde leefstijl komen, dan zullen we alle zes genoemde kwaliteitsniveaus onder de loep moeten nemen. In de afgelopen 25 jaar is gebleken dat de Pyramide-Aanpak effectief werkt. En dat de door mij ontwikkelde Regieconcepten, zowel individueel als voor organisaties, sneller en tot betere resultaten leiden.

Wilt u meer hierover weten, of heeft u een vraag hierover: Stuur een mailtje naar bjpvandermieden@pyramide.nl

 

Read more

Hoezo, nu investeren in de maand december? In de afgelopen 25 jaar heb ik gemerkt hoe zinvol het is als men in september begint met het investeren in jezelf en in je relaties.

Want voor velen is de feestmaand december ook een maand vol spanningen: Waar vieren we Sinterklaas en/of Kerst en met wie? Hoe zal hij of zij reageren?  En hoe kijk ik en kijken wij terug op dit jaar? En naar het volgend jaar? In leven, wonen en werken!

In een paar gesprekken en met concrete handvatten en tips help ik je op weg en neem jij de regie.

Wil je meer informatie, mail of bel me dan: bjpvandermieden@pyramide.nl / 0653 313 147.

Read more

 

Welke schade heb je opgelopen in denken, durven, kunnen, mogen, voelen en willen? Wat waren je verlangens daarin? Het verleden kunnen we niet ongedaan maken, maar we kunnen in het hier en nu de schade wel herstellen. Dat begint met het een beeld te maken van wie je als onbeschadigde persoon bent. De mens zonder verdriet, minderwaardigheidsgedachten en minderwaardigheidsgevoelens. Je bent wie jij vanbinnen wilt zijn. En dat is altijd de mens die zelfvertrouwen heeft, het leven vertrouwt, de kansen en mogelijkheden ziet en de uitdagingen wilt aangaan. Vanuit eigen autonomie en kracht. Dat is ook altijd de mens die verbonden is met de ander en het andere, ook al lijkt het nu niet zo. In wezen is alles met elkaar verbonden. En het is altijd de vitale mens, ook al ben je dat nu fysiek, psychisch, sociaal, relationeel en/of spiritueel niet optimaal op dit moment.

Je kunt dat beeld nu maken aan de hand van jouw zielsverlangen. Schrijf in een paar zinnen op wat jouw levensvisie en levensmissie is en wat jouw persoonlijke inkleuring is van de volgende universele menselijke eigenschappen: kracht, liefde, schoonheid, vertrouwen, vreugde, waarheid, wijsheid en zuiverheid. Dat is de persoon die jij in wezen bent. Dit is de basis van het schilderij dat jij nu verder kunt opbouwen en inkleuren.

Je kunt ook een beeld maken van de relaties die jou gelukkig maken. Wat zijn jouw verlangens ten aanzien van gezonde, energie gevende relaties in leven, wonen en werken? Met dit ideaalplaatje heb je die natuurlijk nog niet gerealiseerd, maar ook hiervoor heb je nu een basis gelegd. Dit is wat jij wilt!

En tenslotte kun je je een beeld maken van de gewenste situatie betreffende jouw vitaliteit. Zowel op fysiek, mentaal, emotioneel, sociaal, relationeel als spiritueel niveau. Wat zijn jouw verlangens daarin?

Je hebt nu drie stappen voorwaarts gezet op weg naar het ontdekken en realiseren van jouw verlangens en doelstellingen. Je weet wat je wilt en op basis daarvan kun je het heden en het verleden onder de loep gaan nemen. De situatie toen, de situatie nu en de gewenste situatie heb je nu in beeld. Maar je wilt meer, want je wilt het nu gaan concretiseren en je schilderij helemaal afmaken, zodat je weet wie je bent, wat je wilt en hoe je je verlangens en doelstellingen zo snel en goed mogelijk kan realiseren. Ik kan je daarbij helpen, want ik heb hiervoor een instrumentarium en methodiek ontwikkeld: Het concept Levensregisseur. De informatie daarover stuur ik je graag toe.

Telefoon: 0653  313 147 / mail: bjpvandermieden@pyramide.nl

Welke stap ga jij nu zetten om de regie in leven, wonen en werken stevig ter hand te nemen en om gelukkig en succesvol te zijn in vertrouwen, verbondenheid en vitaliteit?

Read more

 

Het begint al in de wieg: Het kind is nauwelijks geboren of het lijkt al op die of die, veelal ten voordele van degene op wie het kind lijkt en de directe familie daarvan. Het wordt meteen beoordeeld op diens uiterlijk, sekse, huidskleur, afkomst, enz. En vervolgens worden de vorderingen van het kind vergeleken met andere kinderen uit de familie- en/of vriendenkring.

Komt het kind op de basisschool, dan worden de prestaties beoordeeld en vergeleken. En zo gaat dat ons hele leven lang door. We worden vergeleken met anderen, en op grond daarvan beoordeeld en veroordeeld. Je hoort er wel of niet bij. Zo gaat dat al sinds mensenheugenis. Met als gevolg dat mensen worden buitengesloten, afgewezen en als meer of minder worden gezien o.b.v. hun afkomst, bezit, geloof, huidskleur, kleding, macht, positie, ras, enz. Wereldwijd is het de grootste misdaad: Vergelijkend oordelen. In plaats van dat we de mens in diens eigen uniekheid en unieke waarde zien en zichzelf laten zijn.

Dat wij er ontvankelijk voor zijn, wordt veroorzaakt door onze psychische afhankelijkheid. Natuurlijk laten wij ons als baby en in onze jeugd beïnvloeden door onze ouders en opvoeders en nemen wij waarden en normen van hen over. En in de puberteit zetten we ons er in meer of mindere mate tegen af. Maar het hoort bij het volwassen zijn, om te bepalen welke waarden en normen en levensbeschouwing bij ons passen. Dat impliceert dan wel: de wil te hebben om psychisch onafhankelijk te willen zijn en zelf de verantwoordelijkheid te nemen daarvoor. Maar ook als volwassenen laten we ons nog sterk beïnvloeden. Het “erbij willen horen” – dat kan voortkomen uit psychische afhankelijkheid – is bijvoorbeeld een veel voorkomend motief om de mode te volgen. Vanuit psychische afhankelijkheid, gebaseerd op angst en gebrek aan zelfvertrouwen, wil men niet buiten de boot vallen en niet uitgesloten worden. Wereldwijd is psychische afhankelijkheid de grootste vloek. In plaats van dat we ons Zelf en autonoom zijn.

De consequenties van psychische afhankelijkheid en vergelijkend oordelen, in organisaties en in de samenleving, zijn onvoorstelbaar groot. Het komt veelvuldig voor dat daardoor geen, of slechte besluiten worden genomen, dat mensen wel of niet worden ontslagen, dat iemand de hand boven het hoofd wordt gehouden, dat men terroristische aanslagen pleegt, enz. enz. De oorzaak van dit alles is angst en onzekerheid en gebrek aan zelfvertrouwen en vertrouwen.

Dit is alleen oplosbaar door zelfinzicht en mensenkennis. En door zelf de regie stevig ter hand te nemen in leven, wonen en werken, door het ontdekken van de eigen verlangens en doelstellingen. Psychische afhankelijkheid en vergelijkend oordelen zijn op te heffen, als we ons realiseren welke unieke bijdrage ieder van ons levert aan het geheel. Dan is er sprake van zelfvertrouwen en van vertrouwen; zowel in het leven als in de toekomst. En dan kunnen we vanuit psychische onafhankelijkheid tot bewuste, goede besluiten komen, tot stevige, gezonde en duurzame relaties en tot (zelf)bewust doen en laten.

Vragen en tips:

01. Welke (voor)oordelen heb jij? Waar komen die uit voort? Onderzoek ze en bevrijd jezelf.

02. Van wie ben jij psychisch afhankelijk? Hef die op door zelfreflectie.

03. Realiseer je uniciteit en je verlangens en doelstellingen.

04. Neem de regie stevig ter hand in leven, wonen en werken.

05. Bespreek het met iemand die je vertrouwt.

 

Bert-Jan van der Mieden.

bjpvandermieden@pyramide.nl

Tel: 055 522 39 26 / 0653 313 147.

============

Read more

Open brief van “Verdriet” en “Eenzaamheid” aan de mens.

Het zal jullie wellicht verbazen een brief te krijgen van ons, want wij: “Verdriet” en “Eenzaamheid” blijven meestal verborgen. Maar het is belangrijk, want wij willen jullie iets vragen. Omdat boosheid veel meer naar buiten toe kenbaar wordt gemaakt doet “Boosheid” niet mee, maar we schrijven deze brief ook namens haar. Want zij wil jullie erop attenderen dat mensen heel vaak boos worden, om “Verdriet” maar niet te hoeven voelen. Ook “Eenzaamheid” wordt niet graag gevoeld. Die overschreeuwen mensen vaak door lawaai, of verdringen die door drank of drugs. Wij richten ons hier tot jullie, omdat er ook in organisaties, op alle niveaus, veel “Verdriet” en “Eenzaamheid” is.

Wij willen jullie vragen of jullie beter naar ons willen luisteren en meer aandacht aan ons willen schenken. Weten jullie waarom dat van belang is? Omdat onder “Verdriet” en “Eenzaamheid” onze verlangens liggen. Je voelt immers alleen verdriet omdat je blijheid, vreugde kent! Je voelt je toch alleen maar eenzaam, omdat je weet dat je verbondenheid kent! Je hebt last van je minderwaardigheidsgedachten en -gevoelens, omdat je Zelfvertrouwen kent. En je leidt alleen onder wantrouwen, omdat je weet wat vertrouwen is. En onder extreme moeheid, omdat je weet wat het is om vitaal te zijn en genoeg energie te hebben. Dus luister naar (jouw) “Verdriet” en “Eenzaamheid” en ontdek dan de daaronder liggende verlangens. En vraag je collegae naar hun verlangens. Dan help je hen daarmee! Als we alle aspecten van onze persoonlijkheid kennen, worden en zijn we Levensregisseur en kunnen we individueel en gezamenlijk onze verlangens en doelstellingen realiseren.

Bert-Jan van der Mieden.

http://www.levensregisseur.eu

 

Read more

 

Het lijden is inherent aan ons bestaan hier in deze wereld. Ik zie het in de ogen van velen die ik ontmoet: Het verborgen verdriet en het onvervulde verlangen. Maar het lijden is te groot: Mensen laten elkaar nodeloos lijden, door de ander te kwetsen, pijn te doen, niet te respecteren, enz. Door onze eigen angst, onzekerheid en tekort gedaan voelen af te reageren op de ander door middel van allerlei vormen van agressie. We zijn dan ons zelfvertrouwen en ons vertrouwen kwijt, we voelen ons niet meer verbonden met het geheel en met de ander en weten niet meer waarom we hier zijn. Daardoor missen we vitaliteit. We lijden hieronder, omdat we diep in verlangen naar vertrouwen, verbondenheid en vitaliteit en weten dat die er zijn. En daar wil ik iedereen weer aan herinneren.

Hoe kunnen we onze verlangens en doelstellingen ontdekken en realiseren?

We kunnen weer ons Zelf worden, degene die we in wezen zijn, door te luisteren naar onszelf, de ander en het andere. Door onze eigen verantwoordelijkheid te nemen en ons te herinneren wie we zijn, ons te ontwikkelen uit onze schijn en ons Zelf te ontplooien. Ons te herinneren wat onze unieke bijdrage is aan het geheel. Daarvoor geef ik in dit boek nieuwe inzichten en concrete handvatten. Daardoor kunnen we de regie stevig ter hand nemen in leven, wonen en werken o.b.v. vertrouwen, verbondenheid en vitaliteit.

Wat zijn de uitdagingen waar we voor staan en gaan?     

In dit boekje geef ik de uitdagingen aan waar we voor staan en gaan o.b.v. het Ennisme; de filosofie van de Verbinding. Hoe wij op basis van persoonlijk leiderschap en het en-en-denken kunnen komen tot perspectiefvol leiderschap. En hoe wij weer, maar nu bewuster, komen tot eenheid in verscheidenheid, door ons te herinneren wat ons universeel verbindt, met respect voor diversiteit. Dan komen we tot een vitale samenleving en organisaties die floreren door regie.

Dit boekje bevat een hoopvolle en positieve boodschap, waardoor je meer licht ervaart en meer energie krijgt. Door bewust koers te zetten naar eenheid in verscheidenheid creëren we samen een bewustere en daardoor betere en duurzame wereld. Dat wens ik jou en ons allemaal toe. Wil je mijn nieuwe boek “Eenheid in verscheidenheid” bestellen, klik dan hier: Boek “Eenheid in verscheidenheid”

Met hartelijke groet,

Bert-Jan.

Read more

 Zo’n 150 jaar geleden woonde Jacob Pronk met zijn vrouw en hun twee kinderen in het dorpje Scheveningen. Jacob Pronk woonde met zijn gezin boven zijn meubelwinkel in de Keizerstraat. Scheveningen was een vissersdorpje gelegen aan de rand van Den Haag en de meeste inwoners leefden van de visserij. Maar Jacob was als kind al bezig met figuurtjes maken uit takken hout die hij vond. En hij maakte kistjes van afvalhout en repareerde de meubels als er iets kapot was gegaan. Jacob wilde niet net zoals zijn vader en zijn broers naar zee. Nee, Jacob droomde ervan om meubelmaker te worden. Maar die opleiding kostte veel geld en dat hadden zijn ouders niet. Maar op een dag gebeurde er iets, waardoor het leven van Jacob plotseling veranderde. Bij een hevige storm werd de haringkar van oom Chris door de lucht geslingerd en brak vervolgens in stukken uiteen tegen een muur. Oom Chris, die toch eigenlijk al te oud was geworden om nog met de kar op pad te gaan, wilde er al kachelhout van maken, maar Jacob vroeg of hij mocht proberen de kar nog te repareren. Oom Chris dacht niet dat het Jacob zou lukken, maar gaf hem de kapotte haringkar cadeau. En het lukte Jacob! Hij knapte de haringkar helemaal op!

En zo kwam het dat Jacob wat geld kon verdienen door vis te verkopen. Hele einden liep hij via de Scheveningseweg naar Den Haag, waar rijke mensen woonden aan wie hij zijn haringen en andere vis verkocht. En als hij bij de mensen kwam, hoorde hij wel eens over meubels die gerepareerd moesten worden. En die repareerde hij dan zo goed, dat hij al gauw een bekendheid werd in Den Haag. Steeds meer mensen vroegen hem of hij stoelen, tafels en andere kleine meubels wilde repareren. Maar dat werd op een gegeven moment een probleem, want hij kon die niet allemaal meenemen op zijn haringkar. Jacob had eigenlijk een paard en wagen nodig om de meubels van en naar Den Haag te brengen. En er ontstond nog een tweede probleem. Jacob had zoveel werk als meubelmaker, dat hij geen tijd meer had om met zijn haringkar te lopen. Maar, ook al had Jacob wel wat gespaard, geld voor een paard en wagen had hij niet en hij kon het geld dat hij met het verkopen van de vis verdiende ook niet missen.  Wat moest Jacob nu doen?

Halverwege de weg tussen Scheveningen en Den Haag lag de boerderij van boer Harmsen, waar Jacob wel eens een praatje maakte met de boer en een kopje koffie kreeg van de boerin. Ze hadden een paar flinke zonen en dochters en Jacob kon vooral heel goed overweg met de oudste dochter. Hij was een beetje heel veel verliefd op haar! Zij heette Jacobine en ze waren even oud, maar het was niet alleen daarom dat hij haar leuk vond. Nee, Jacob vond haar het mooiste meisje dat hij ooit gezien had. Zij had zulke mooie stralende blauwe ogen en prachtig donker golvend haar! En als zij lachte, dan zag je twee kuiltjes in haar wangen en zelfs bij het donkerste weer was het, of dan de zon scheen. Maar zelfs daarom was hij niet alleen verliefd op haar: Hij kon alles met haar delen en behalve dat ze veel plezier hadden met elkaar en, als ze daar tijd voor hadden, lange wandelingen en fietstochten maakten, begrepen ze elkaar van binnen en hielpen ze elkaar als ze het moeilijk hadden. En zoals dat gaat als mensen echt van elkaar houden, hield Jacobine evenveel van Jacob als Jacob van haar. En haar ouders waren ook blij met Jacob, want hij paste goed in hun gezin en hij was een harde werker.

Jacobine werkte hard mee op het land en in de boerderij en in haar vrije tijd maakte zij kaarsen en die kon zij ook prachtig mooi versieren. Zo maakte zij voor de kerk prachtige kaarsen voor op het altaar en vaak ging ze mee met Jacob naar Den Haag en verkocht zij daar kaarsen aan de mensen voor wie Jacob de meubels maakte. En omdat iedereen Jacob en Jacobine zo’n leuk verliefd stel vond, en zij zulke mooie kaarsen maakte, kreeg ook Jacobine al gauw bekendheid in Den Haag en had ze al een behoorlijke klantenkring. Het geld dat zij met haar kaarsen verdiende mocht zij houden, zodat zij ook voor haar uitzet kon sparen als Jacob en zij gingen trouwen.

Toen Jacob op een dag een paar stoelen, een tafel en een klein kastje op zijn haringkar had vastgebonden en hij slechts met heel veel moeite, vanuit Den Haag komende, de boerderij van boer Harmsen wist te bereiken, bedacht hij onderweg een plan en besloot daar met de boer over te praten. Genietend van een lekker bakje koffie, die de boerin hem had ingeschonken, en hand in hand naast Jacobine zittend, die hij zijn plan eerst verteld had en die daar erg enthousiast over was, vertelde hij aan boer Harmsen wat zijn problemen waren en welke oplossing hij hiervoor bedacht had.

“U weet dat ik de laatste tijd steeds meer opdrachten krijg om meubels te repareren. Zoveel dat ik ze niet meer op mijn haringkar kan laden. En daar komt bij dat ik zoveel werk heb aan het maken van meubels, omdat ik ook wel eens de vraag krijg om een nieuwe stoel of tafel te maken, dat ik geen tijd meer heb om vis te verkopen. Nu weet ik dat Frits – dat was de een na oudste zoon van de boer – op zoek is naar ander werk. Zou ik van u een paard en wagen mogen lenen, zodat ik de meubels kan vervoeren, en dat ik dan in ruil daarvoor Frits mijn haringkar leen, zodat hij vis kan verkopen. Zo verdient hij wat en verdien ik toch nog wat aan de visverkoop.”

Boer Harmsen had, terwijl Jacob vertelde, naar Jacobine gekeken en zag de twinkeling in haar ogen en keek, nadat Jacob was uitgesproken, zijn vrouw aan. En ook al waren zij al heel lang met elkaar getrouwd, ze waren nog steeds net zo verliefd op elkaar als eerst en hoefden dit niet met elkaar te overleggen. Wat hij goed vond, vond zij ook goed en omgekeerd. Toen boer Harmsen zag dat zij het ook goed vond richtte hij zich naar Jacob en zei:”Dat is een heel slim bedacht en goed plan van jou kerel”. Voordat hij nog iets meer kon zeggen was Jacobine hem al om de hals gevlogen en werd het al gauw een dolle boel in de keuken. Frits was blij met zijn nieuwe baan en samen met de boer zocht Jacob een goed paard en een goede wagen uit. Nadien kon je Jacob regelmatig met een wagen vol met meubels van Scheveningen naar Den Haag en weer terug zien rijden. En toen er een winkelpand met een bovenwoning vrijkwam in de Keizerstraat huurde Jacob het pand samen met Jacobine, met wie hij inmiddels getrouwd was. En nu wonen zij daar, samen met hun twee kinderen; Floris en Fleur.

Beneden was er in de werkplaats van Jacob ook een plek waar Jacobine haar kaarsen maakte en in de meubelwinkel was er een hoek vrijgemaakt waar zij haar kaarsen uitstalde. Grote kaarsen, kleine kaarsen, hele dunne en hele dikke en ook ronde en vierkante kaarsen, of in verschillende figuren. Sommige alleen wit of rood of in een andere kleur. Andere weer mooi versierd. Voor iedereen was er wel wat bij.

En nu was het dan weer de eerste Advent. Dat was het moment dat de winkel helemaal in de Kerstsfeer werd gebracht. Jacob had diverse soorten kerststallen gemaakt en Jacobine had de hele winkel vol staan met allerlei soorten kaarsen.

Dagen was Jacobine ook in de weer geweest om honderden kerstboomkaarsjes te maken. Want heel veel mensen hadden echte kaarsjes in de kerstboom. Die lagen allemaal in houten dozen, die Jacob daar speciaal voor gemaakt had.

En Floris en Fleur, die inmiddels acht en zes jaar waren, mochten hun ouders wel eens helpen in de werkplaats. En zij wisten beide waarom hun ouders zo van kaarsen hielden en waarom zij beide de winkel op zijn mooist maakten. Jacobine had ze een keer het verhaal verteld van de kaarsen in de Kerstnacht. En elk jaar, als het Kerstavond was zou Jacobine weer dat verhaal vertellen. En zo gebeurde dat ook dit jaar. Het was Kerstavond. Buiten had het flink gevroren en lag er een dik pak witte sneeuw. Maar binnen brandde de open haard en had Jacob de kaarsjes in de boom aangedaan. Fleur en Floris zaten ieder op hun eigen stoeltje naar de lichtjes te kijken. Moeder had de lekkerste dingen klaargemaakt en ze waren eigenlijk al een beetje rozig door het vuur en de warme chocolademelk die ze hadden gekregen, maar ze wisten dat nu het Kerstverhaal weer zou komen, dat moeder zou voorlezen. Nadat Jacob nog eens goed gekeken had of alle kaarsjes nog goed in de boom stonden, pakte Jacobine het schrift waarin zij het verhaal had geschreven en begon te lezen:

Het was Kerstnacht en ik had de winkeldeur goed afgesloten. De laatste klanten waren met een mooie Kerststal en flink wat kaarsen tevreden naar huis gegaan. We hadden de winkel op tijd gesloten, zodat we alle tijd hadden om naar het kerstmaal te gaan. Die avond aten we bij de ouders van Jacob en daarna ontmoetten onze beide families elkaar allemaal bij en in de Kerk. Daarna gingen we naar huis en genoten we samen van de lichtjes in de kerstboom. En toen, net toen het laatste kaarsje in de boom was opgebrand, gebeurde het: Opeens klonk de bel van de winkel. Wie zou er nu nog zo laat iets willen hebben? Of zou het een kind zijn dat aan het belletje trekken was? Maar daar was het toch wel te laat voor. En omdat we niet direct naar beneden waren gegaan klonk even later nog een keer de winkelbel. We besloten beide te gaan kijken, en dat was maar goed ook, want het was bijna niet te geloven wie er buiten stond te wachten. Toen we via de werkplaats de winkel in liepen zagen we een wonderlijk licht bij de winkeldeur. En toen we de deur open deden waren we met stomheid geslagen. Voor ons stond een engel. “Dag Jacob, dag Jacobine” zei de engel, “ik ben Luxor, de kerstengel van het Licht. Jullie maken elk jaar zulke mooie kerststallen en zulke mooie kaarsen, en jullie maken daar zoveel mensen blij mee, dat ik jullie iets wil laten zien en horen vanavond. Mag ik binnenkomen?”

Nog niet geheel van de verbazing bekomen lieten we de engel Luxor natuurlijk binnen en opeens hoorden wij een geroezemoes in de winkel. Het was net of de kaarsen met elkaar aan het praten waren. Vragend keken we Luxor aan. “Ja” zei Luxor, ik heb ervoor gezorgd dat jullie deze avond de kaarsen kunnen horen praten. Luister maar eens goed waar zij het met elkaar over hebben”.

En daar hoorden we de grote, dikke kaars op de toonbank. Boos had hij zich tot een doos kleine kerstboomkaarsjes gewend, die met elkaar ruzie maakten, omdat ze maar weinig plek hadden in de houten doos waarin ze lagen.”Kunnen jullie niet wat stiller zijn. Het is tenslotte Kerstavond en dan moet je stil zijn”.

Wat beteuterd waren die even stil, maar toen begon een lange dunne kaars, die bij een van de kersstallen stond, zich ermee te bemoeien. “Zeg dikzak daar op die toonbank, wil jij niet zulke praatjes hebben. Jij kunt je nu wel heel belangrijk vinden, daar dicht bij de kassa, maar jij bent hier niet de baas”. De dikke kaars kreeg geen kans om zich te verweren, want een lange, dikke ronde kaars, die prachtig versierd was, richtte zich zowel tot de dikke als de lange dunne kaars en zei:”Heb ik jullie toestemming gegeven, dat je mocht praten? Jullie hebben geen enkele versiering en zijn maar een stel kale kaarsen. Ik ben veel mooier dan jullie, dus ik ben de baas. Kijk maar in de spiegel daar.” En hij wees op de spiegel, die boven de toonbank hing. De dikke en de dunne kaars keken in de spiegel en zagen dat ze inderdaad kaal waren. Verdrietig hielden ze zich stil.

De engel Luxor kreeg met ze te doen en ging midden in de winkel staan, zodat alle kaarsen hem konden zien. “Waarom maken jullie nu zo’n ruzie met elkaar? Zijn jullie dan helemaal vergeten waarom jullie gemaakt zijn? Jullie zijn gemaakt omdat de mensen jullie graag in huis willen hebben. En de een wil graag een versierde kaars en de ander wil een witte kaars, of een gekleurde, of zonder enige versiering erop. Blij keken de dikke en de dunne kaars hem aan. De versierde kaars mopperde nog wat, maar moest de engel wel gelijk geven. De kerstboomkaarsjes waren heel klein en kaal en wit, maar die werden wel het meest gekocht en die mochten in de kerstboom staan. Eigenlijk was de mooie versierde kaars daar best een beetje jaloers op. Het was of de engel Luxor zijn gedachten kon lezen want hij zei:”Je hoeft helemaal niet jaloers te zijn op de kerstboomkaarsjes. Versierde kaarsen krijgen vaak een hele bijzondere plek.” De versierde kaars knikte enigszins gerustgesteld, maar de engel sprak verder:

“Het gaat er niet om hoe jullie er uit zien. Of jullie nu dik, of dun, groot of klein, rond of vierkant zijn en welke kleur je ook hebt, en of je nu wel of niet versierd bent, dat maakt allemaal niet zoveel uit. Dat is jullie buitenkant. Maar kijk eens bij jezelf naar binnen.” Alle kaarsen keken bij zichzelf naar binnen en zagen een witte draad van beneden naar boven lopen. En toen ze verder keken dan hun kaars lang was zagen ze een stukje wit boven hun kaars uitsteken. Ze wisten wel dat ze zo gemaakt waren, maar ze zagen het nu eigenlijk voor het eerst pas goed. “En als je nu bij elkaar naar dat uitstekende witte stukje kijkt wat valt je dan op?” vroeg Luxor. “Oh, nu zie ik het” zei een piepklein dun kaarsje dat in een bakje lag met kaarsjes voor op de taart, “die stukjes zijn allemaal even lang. Althans bij de meesten, want ik ben maar zo’n klein kaarsje, dat ik een kleiner lontje heb.” “Wacht maar” zei Luxor, “dat heb je wel goed gezien klein feestkaarsje, maar ik zal jullie laten zien dat jullie toch allemaal aan elkaar gelijk zijn en allemaal voor hetzelfde doel gemaakt zijn.” En beginnende met het allerkleinste kaarsje begon de engel Luxor alle kaarsen een voor een aan te steken.

En toen alle kaarsen aangestoken waren zagen ze dat ze allemaal een even groot lichtje hadden en even helder de winkel verlichtten. De kerstboomkaarsjes, die nu allemaal op de toonbank stonden te branden, keken elkaar blij aan en waren allang vergeten dat ze net nog ruzie maakten. De dikke en de dunne kaars begroetten elkaar vriendelijk en de versierde kaars zei dat hij dom was geweest en niet meer de baas wilde zijn. Alle kaarsen waren nu vrienden van elkaar en waren blij dat zij brandden.

“Weten jullie nu weer waarvoor jullie gemaakt zijn?” vroeg Luxor. “Ja” zei een mooie rode ronde kaars, die al die tijd wijselijk haar mond had gehouden, “wij zijn gemaakt om licht te geven en de mensen te herinneren aan het grote Licht waaruit alles ontstaan is”. “Ja” zei Luxor, de wijze kaars glimlachend aankijkend. “Daarom branden de mensen ook kaarsen als zij iemand gedenken die overleden is, of als iemand ziek is. Maar ook als het feest is, zoals met Pasen en met Kerst, of als er een kindje gedoopt wordt, of bij een bruiloft.”

Toen keek de engel Luxor ons aan en Jacob zei tegen hem:”Je hebt ons een groot wonder laten horen en zien en ik heb begrepen waarom. Wij mensen zijn net als die kaarsen in het begin. Wij vergelijken ons ook met elkaar. De blanke mensen vinden mensen met een donkerder huidskleur vaak minder en slanke mensen vinden dikke mensen vaak dommer dan zij. En mensen scheppen vaak op als zij meer hebben dan een ander. Of, als ze een betere plek hebben, voelen ze zich belangrijker en vinden ze zichzelf beter dan de ander. Maar waar we ook wonen en wat we ook zijn en hoe we er ook uitzien, en of we nu arm of rijk zijn, we hebben allemaal diezelfde verbindingsdraad lopen naar het licht en ons kaarsvlammetje is even groot. We verspreiden, als we ons weer herinneren waarom wij geschapen zijn, allemaal – naar ons eigen uiterste kunnen – ons eigen lichtje.”

“Ja”, zei Luxor “en als het een keertje donker is in je en als je verdrietig bent, onthoudt dan, dat het kleinste lichtje de machtigste duisternis verdrijft.” En dat konden we toen ook zien, want Luxor had alle kaarsen een voor een gedoofd en nu brandde alleen nog het allerkleinste kaarsje voor op de feesttaart. Ik heb Luxor toen beloofd, dat ik zou opschrijven wat wij die avond mochten beleven, zodat jullie dit verhaal ook konden horen. Toen namen wij afscheid van Luxor en gingen we weer naar boven. Daar hebben we de kaarsjes in de boom nog een keer aangestoken en een glaasje gedronken en stilletjes naar de boom gekeken. En toen ze allemaal opgebrand waren, keken wij elkaar aan en zagen in elkaar ons eigen licht van binnen branden.

Floris en Fleur hadden, net zoals het jaar daarvoor, weer stilletjes geluisterd. Ze keken elkaar aan en lachten naar elkaar. Jacob en Jacobine gaven elkaar een knipoog. De twee hadden bij elkaar naar binnen gekeken en hadden elkaars lichtje gezien. Ze brachten de kinderen naar bed en die droomden die nacht van de engel Luxor en van alle brandende kaarsen in de winkel.

Als wij mensen, als jij en ik, bij ons zelf en bij elkaar naar binnen kijken, dan zie je in jezelf en in elkaar je eigen lichtje. En dat kun je ook zien als je elkaar in de ogen kijkt. En het mooie is dat we dan geen ruzie meer maken, maar elkaar het licht in de ogen van harte gunnen. Dag allemaal. Tot volgend jaar.

Bert-Jan van der Mieden

december 2014.

 

P.S. Je mag dit verhaal natuurlijk gebruiken voor de eigen huiselijke kring en verwijs er gerust naar. Vermeld dan s.v.p. dat het door mij geschreven is en wellicht is het een reden om te verwijzen naar levensregisseur.eu en/of pyramide.nl . Daar waar er behoefte is aan meer licht in leven, wonen en werken kunnen mijn Partners en ik onze unieke bijdrage leveren ter realisatie daarvan. Fijne feestdagen toegewenst en alle goeds voor het nieuwe jaar.

 

 

 

 

 

 

 

 

Read more